| NOB | |
| Tel: | 020 - 51 41 880 |
| Fax: | 020 - 51 41 889 |
| SOB | |
| Tel: | 020 - 51 41 870 |
| Fax: | 020 - 51 41 879 |
Zoeken
Algemeen
Het vak
Het vak belastingadviseur ontstond in 1917, toen een oud-inspecteur zich als eerste zelfstandige adviseur vestigde. De sterke groei van het beroep vond overigens pas na de Tweede Wereldoorlog plaats, onder meer omdat de steeds complexere wetgeving met name bedrijven dwong om voor hun fiscale zaken professionele hulp in te roepen.
Plannen voor een wettelijke regeling van het beroep vormden in 1954 de directe aanleiding voor de oprichting van de NOB als beroepsorganisatie van universitair opgeleide belastingadviseurs. De NOB heeft zich altijd verzet tegen een dergelijke regeling omdat daardoor ook een groot aantal mensen zonder voldoende opleiding onder de wettelijke bescherming zou vallen. Met succes: zo’n regeling is er nooit gekomen.
Aanvankelijk waren hoofdzakelijk oud-inspecteurs lid van de NOB. Vanaf 1965 werden de eerste afgestudeerden van de destijds nieuwe studierichtingen fiscaal recht en fiscale economie toegelaten. Nu heeft de NOB ruim 4500 leden. Klik hier voor de statistieken (peildatum 1 januari 2010).
Doel
De NOB behartigt de belangen van haar leden, die – al dan niet in dienstbetrekking – werkzaam zijn als belastingadviseur. Vanuit deze doelstelling bevordert de NOB zowel de beoefening van het belastingrecht als een kwalitatief goede beroepsuitoefening.
Werkwijze
NOB-leden zijn de belangenbehartiger van de cliënt in fiscale zaken. Niet zelden zijn ze ook financieel vertrouwenspersoon in een bredere betekenis. Voor alles geldt dat een NOB-adviseur voor zijn cliënt – binnen de wettelijke grenzen – het fiscaal beste resultaat wil bereiken. Als vertegenwoordiger van zijn cliënt neemt hij altijd een partijstandpunt in. In die zin ligt een vergelijking met de rol van de advocaat eerder voor de hand dan met die van de accountant.
Werkterrein
Het werkterrein van de belastingadviseur is zo breed als de belastingheffing zelf. Het omvat de belastingen van de rijks- en lagere overheden (zoals vennootschaps-, omzet-, loon- en inkomstenbelasting), invoerrechten en accijnzen, premieheffingen uit hoofde van sociale verzekeringen, milieuheffingen, onroerende zaakbelasting, verdragen ter voorkoming van dubbele belasting, internationaal belastingrecht, etc.
Bijeenkomsten
- 04-11-2010
