U bent hier

Internationaal en Europees Belastingrecht voor specialisten

01 januari 2014

Doelgroep
De cursus vormt een onderdeel van het specialistenprogramma en is bedoeld voor aspirant-leden van de NOB die voornamelijk werkzaam zijn in de internationale adviespraktijk. De cursus is niet bedoeld voor aspirant-leden die voornamelijk werkzaam zijn in de indirecte belastingen. Aspirant-leden, die een verklaring ondertekend door een partner overleggen, waarin de maatschap verklaart dat het betreffende aspirant-lid zich hoofdzakelijk bezig houdt met Internationaal en Europees belastingrecht kunnen dit traject volgen.

Cursisten die de cursus Internationaal en Europees belastingrecht voor specialisten volgen mogen de cursus Internationaal belastingrecht niet meer volgen.

Docenten
dr. M. van Dun (docent aan de Universiteit van Amsterdam), mr. dr. G.K. Fibbe (Baker Tilly en verbonden aan de Erasmus Universiteit Rotterdam), drs. B.J. Kiekebeld (EY), mr. S.R. Pancham (KDPS International Tax Counsel  en docent aan de Radboud Universiteit), prof. dr. D.M. Weber (hoogleraar aan de Universiteit van Amsterdam, werkzaam bij Loyens & Loeff) en prof. dr. mr. M.F. de Wilde (Loyens & Loeff en docent aan de Erasmus Universiteit Rotterdam).

Cursusdoel, opzet
De cursus beoogt de kennis van het internationale en Europese belastingrecht te verdiepen. Het gaat daarbij om vraagstukken als de toepassing van belastingverdragen, winstallocatie, de voorkoming van dubbele belasting, Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie en de rechtspraak van het Europese Hof van Justitie (met uitzondering van de rechtspraak inzake omzetbelasting). De cursus is verdeeld in vijf blokken. Onderstaande onderwerpen zijn onder voorbehoud.

Europees direct belastingrecht en de EU-Verdragsvrijheden (2 dagdelen)
Tijdens deze cursus wordt uitgebreid stilgestaan bij de drie stappen die het Hof van Justitie doorloopt als het een antwoord op de vraag moet geven of een bepaling van nationaal belastingrecht het vrije verkeer belemmert. Deze drie stappen zijn: i) wordt gebruikgemaakt van het vrije verkeer; ii) is sprake van een belemmering van het vrije verkeer; iii) kan deze belemmering worden gerechtvaardigd door een dwingende reden van algemeen belang.

Belastingheffing van samenwerkingsverbanden in internationaal verband (2 dagdelen)
De onderwerpen die tijdens deze cursusdag aan de orde zullen komen zijn o.a. de kwalificatie van buitenlandse entiteiten naar Nederlands recht. Hierbij zal worden stilgestaan bij het systeem van de wet, het beleid van de Staatssecretaris, de jurisprudentie van de Hoge Raad alsmede de invloed van het primaire en secundaire EU-recht op deze materie. In dit kader worden ook de recente ontwikkelingen omtrent hybride mismatches binnen OESO en EU verband besproken. Tot slot zal de problematiek van kwalificatieverschillen onder belastingverdragen aan de orden komen. Daarbij zal zowel de algemene OESO benadering in inbound/outbound situaties alsook enkele specifieke belastingverdragen worden besproken (Verdrag Nederland - US, Verdrag Nederland - UK en het Verdrag Nederland - België).

Fiscale aspecten van grensoverschrijdende arbeid (2 dagdelen)
Tijdens het cursusonderdeel wordt ingegaan op het thema 'fiscaliteit en grensoverschrijdende arbeid'. Daarmee samenhangend komen de volgende deelonderwerpen aan de orde:

  • binnenlandse en buitenlandse belastingplicht inkomstenbelasting;
  • verdragsinwonerschap natuurlijke personen;
  • toewijzingsregels inkomsten uit niet-zelfstandige arbeid;
  • voorkomingssystematiek;
  • persoonsgerelateerde uitgaven / eigenwoningregeling;
  • keuzeregeling;
  • loonbelasting / extraterritoriale kosten (30%-regeling);
  • internationale premieheffing.

EU-richtlijnen directe belastingen (2 dagdelen)
Tijdens deze cursus zal worden ingegaan op de praktische toepassing van de moeder-dochterrichtlijn, de fusierichtlijn, de rente/royaltyrichtlijn en de Anti-Belastingontwijkingsrichtlijn, ook wel de ATAD genoemd. De rechtspraak van het HvJ EU laat zien dat de interpretatie en werking van de richtlijnen bepaald niet eenvoudig is. Aan de hand van praktijkgevallen en de voorbereidingsopdracht  zal de werking van de richtlijnen worden besproken. Ook de verhouding tussen de richtlijnen en het primaire EU-recht zal daarbij worden belicht. Vervolgens wordt stilgestaan bij enkele elementen van de (mogelijke) Nederlandse implementatiewetgeving van de genoemde richtlijnen. Denk hierbij aan de fusiefaciliteiten, de inhoudingsvrijstelling dividendbelasting, de deelnemingsvrijstelling, renteaftrekbeperkingen enz. De bedoeling is dat de cursist na het volgen van de cursus een beeld kan vormen over de verhouding tussen de richtlijnen en de Nederlandse (implementatie)wetgeving, zodat het besprokene in de praktijk kan worden toegepast.

Vrijstellingsmethode (voorkomingstechnieken)/Toetsing wetgeving aan EU recht (2 dagdelen)
Tijdens deze cursus wordt ingegaan op de impact die het Europese recht heeft op de Nederlandse belastingwetgeving. In het bijzonder wordt ingegaan op de gevolgen van de fundamentele vrijheden en van staatssteun. Daarbij wordt de Nederlandse vennootschapsbelasting en dividendbelasting getoetst aan deze bepalingen en de daarbij behorende jurisprudentie van het Hof van Justitie.
Voorts wordt tijdens deze cursus ingegaan op een aantal bijzondere situaties die zich kunnen voordoen bij de voorkoming van dubbele belasting, zoals samenloop van de vrijstellings- en de verrekeningsmethode in geval van triangular tax treaty cases, timing mismatches, en afzonderlijke versus gezamenlijke belastingverrekening.

Werkwijze
Door de cursisten wordt per onderdeel een voorbereidingsopdracht gemaakt en ingeleverd bij de docenten.

Praktische gegevens
Tijdsbeslag: 5 dagen (niet aansluitend, 10 dagdelen)
Werktijden: 09.30 uur tot 17.00 uur
Kosten: € 260,00 per onderdeel incl. lunch (excl. btw)
Deelnemers: maximaal 20 personen

Inschrijven voor deze cursus is mogelijk via uw Persoonlijke Pagina. Dit kan alleen als de cursus onderdeel uitmaakt van uw traject.