In alle opzichten een uniek mens
Marnix van Rij
Marnix van Rij
Terwijl ik dit schrijf, kijk ik vanuit mijn studeerkamer uit op een maagdelijk wit tapijt . Buiten is het -7 met een gevoelstemperatuur van -12 graden Celsius.
Dan moet ik meteen denken aan Frits die zo veel van de natuur wist. Zijn vader, Frits Sobels (1922-1993) was een internationaal vermaarde professor, gespecialiseerd in radiobiologie. Frits hield van de natuur en kon daar aanstekelijk over vertellen. Het was hem met de paplepel ingegoten.
Ik leerde Frits zelf kennen in de periode 2007-2015. Hij was “mister NOB”. Hij gaf strak leiding aan de beroepsvereniging van de academisch gevormde fiscalisten. Hij kwam officieel zijn opwachting maken, toen ik in 2007 als kandidaat-bestuurslid door EY was voorgedragen. Dat was zeer hoffelijk. Hij legde fijntjes uit hoe het in het bestuur toeging en wat er van een inkomend bestuurslid werd verwacht. Terugkijkend kan ik niet anders zeggen dat ik met het grootste plezier met hem heb samengewerkt.

Frits was een gedistingeerde man. Met zijn markante gleufhoed, leek hij op een Engelse gentleman. Hij had dezelfde beschaafde manieren en ironische understatements. Hij hield van stijl en tradities. Voor alles en nog wat organiseerde hij in “het hoofdkantoor van de NOB”, de Muiderpoort, diners. De Muiderpoort koesterde hij als zijn “kasteeltje”. Frits als een soort poortwachter. Hij beschikte over een uitstekend netwerk in fiscaal Nederland. Daarbij hielp dat hij ook oud-inspecteur van ’s-Rijksbelastingen was geweest.
Je kon naast het gebruikelijke bestuurlijke werk ook heel goed met Frits converseren. Hij had veel humor, maar had ook een oprechte interesse in mensen. Zo vertrouwde hij mij ooit toe dat hij “als veteraan de dood in ogen had gezien”. Hij heeft meerdere malen intensieve chemokuren moeten ondergaan. Ook dat deed hij op een waardige wijze. Hij steunde mij en was vol begrip, toen die ziekte heel dicht in mijn familie en gezin binnendrong. Ik zal dat nooit vergeten.
Frits was een bijzonder mens, enerzijds stond hij symbool voor een product van “Bildung”-een voorbeeld van anachronisme, anderzijds had hij de gevatheid en humor van een modern mens. Zo riep hij op een bepaald moment uit: “Weet jij niet dat jouw dochters “IT-girls ”zijn“? . Ik had geen idee wat dat betekende, want ik maak(te) maar beperkt gebruik van de sociale media. Zo liet hij zien de Amsterdamse scene van de twintigers goed te kennen.
Frits was in alle opzichten een uniek mens en hij heeft heel veel voor de NOB betekend.