Frits Sobels – Mister NOB

Wilbert Kannekens

Van 2003 tot 2006 had ik het genoegen om als voorzitter van de NOB onder Frits te mogen dienen. Een bijzondere periode om meerdere redenen. Een soort breuklijn, in die zin dat het enigszins rustige en gezapige fiscale landschap snel veranderde met grote gevolgen voor de rol en het functioneren van de beroepsorganisatie. Behoorlijk onvoorbereid werd ik ondergedompeld in een maalstroom van politiek fiscaal populisme, horizontaal toezicht, anti-misbruik regelgeving, afkalving van het vestigingsklimaat, zelfsturende teams op het ministerie, kritische grote kantoren en het spanningsveld tussen adviseurs en bedrijfsfiscalisten. En dat was zeker niet alles. Belastingen en de NOB stonden ineens vol in de aandacht. 

In al die veranderingen was de directeur een baken van rust en organisatie. Met oneindige energie, gevoel voor kwaliteit, dienstbaarheid en aandacht voor mensen. Met deze eigenschappen heeft Frits de “club” op een voortreffelijke wijze en vele voorzitters lang bij elkaar weten te houden.

Belasting is een serieuze zaak, voor menig buitenstaander waarschijnlijk vooral een saaie zaak. Frits is er (wel) in geslaagd om het, met humor en protocol , “leuker te maken”. Wij deelden een voorliefde voor kunst en antiek. Tot voor kort bezocht ik met enige regelmaat zijn cabinet de curiosités op zijn kasteel Ter Hooge. Maar in 2003 ik voelde mij wel genoodzaakt een decreet uit te vaardigen dat Frits verbood om nog meer antiquiteiten voor de “Poort” te verwerven. Tenslotte was dat niet de doelstelling van de vereniging. Eén van zijn eerdere aankopen was een opgezette krokodil, die telkens de naam droeg van de dan in functie zijnde staatssecretaris; in mijn tijd: Joop.

Frits Sobels, mister NOB, verdient met zijn bijzondere inzet en karakter een plek tussen de fiscale helden.